‘Prettige’ feestdagen

1275364_368167516676043_1058988228209784980_o

Als puber besloot ik dat ik ‘alto’ wilde worden. Ik verfde mijn haar knalrood en mijn ogen pikzwart, ik liep in wijde, felgekleurde broeken die over de grond sleepten en het regenwater tot in mijn knieholten opzogen. Ik luisterde niet naar Destiny’s Child of Alicia Keys, ik wilde geen Oililysjaal of Maggs schoenen en al helemaal niet dansen in Amphion zoals ‘iedereen’. Ik koos ervoor om vooral lekker niet mee te doen met de ‘massa’. En deed vervolgens dus hetzelfde als mijn vrienden. Zo werd ons zelfverkozen isolement toch best gezellig.

Je zou dus kunnen zeggen dat ik dit wel gewend zou zijn, dat iedereen druk doende is met alle dingen die zij denken die ‘moeten’ en dat ik niet meedoe. Maar ik merk steeds meer dat een eigen keuze en een gedwongen keuze, twee heel andere dingen zijn.

Het is bijna kerst. Iedereen maakt zich druk om wat er gegeten moet worden, wat er bij dat eten gedronken dient te worden, welke kleren er gedragen en welke families er bezocht moeten worden. De kerstborrel van het werk wordt met gezonde tegenzin bezocht, de acties voor de goede doelen met gemopper ondergaan. En ik doe niet mee.

Het is bijna kerst en ik maak me zorgen over hoe ik de kerstdagen doorkom. Hoe ik ervoor zorg dat deze feestdagen ook prettige dagen voor mij worden. Niet teveel plannen, veel rust, oordoppen, de juiste plaats aan de eettafel, op de juiste momenten rust pakken, wat te communiceren, hoe me te gedragen.

Het is bijna kerst en ik heb er geen zin in. Begrijp me niet verkeerd, ik hou van mensen. Ik hou van kletsen, gezelligheid, drukte om me heen. Maar het stukje Suus wat daarvan houdt is Suus 1.0. De ‘oude’ Suus die in elk gezelschap het hoogste woord voerde en op ieder feestje het licht uitdeed. De ‘nieuwe’ Suus houdt niet van mensen. Niet in grote groepen tenminste, niet lange tijd achter elkaar. En als het zo moet, dan houd ik er eigenlijk gewoon helemaal niet meer van. De oude Suus hield van de sfeer die bij kerst hoorde, van de familie bij elkaar, het haardvuur aan, het overpeinzen van het jaar dat geweest is en het uitkijken naar het kakelverse nieuwe jaar dat voor de deur staat. Maar mijn afgelopen jaar was niet zo leuk en de toekomst is onzeker. En mijn familie is warm en hecht en goed, maar ook groot en luidruchtig en druk. Alles waar ik vroeger zo van hield aan de feestdagen, vraagt nu (te) veel van me.

Goedbedoeld wordt er sussend gezegd: ‘Dan kom je even en ga je een uurtje rusten wanneer dat nodig is. Dan ben je er toch even bij.’ Ik begrijp wel dat er niets meer dan dat te bieden is. Dat er ook voor de buitenwacht niet veel meer van te maken is dan dat. Maar dan ben je er toch even bij?! Zou iemand van jullie daar genoegen mee nemen? Ik wil niet de restjes, ik wil niet in de woonkamer zitten terwijl het echte feest in de keuken gevierd wordt. Ik wil niet door het raam naar binnen kijken en af en toe een hapje eten toegeworpen krijgen.

Ik wil alles of niets en alles is teveel. Maar het alternatief staat mij niet aan. Dan maar niets. Geef mij maar een dekentje, een magnetronmaaltijd en Home Alone 1 tot en met 5. Kom me maar halen als het 2015 is. Tabee.

IMG_455840377874964

Agenda

Ik heb een nieuwe agenda gekocht.

Nu denk je misschien; ‘Poeh poeh, als dat het hoogtepunt van je week is, is het wel heel droevig met je gesteld’, maar het gaat mij om wat het betekent. Ten eerste is het al bijzonder dat ik een agenda in december koop. Ik rekende altijd in schooljaren. ‘Volgend jaar’ betekende bij mij vanaf eind augustus/begin september. Ik dacht niet in kalenderjaren. Januari was gewoon het moment waarop ik zo’n beetje inzicht moest hebben in wie van mijn bruggers naar de havo zou gaan, en wie er VWO aan zouden kunnen. Verder niets bijzonders. Daarnaast kreeg ik natuurlijk altijd gewoon een gratis lerarenagenda van mijn werk. Met ruimte om alle cijfers bij te houden enzo, je kent het wel.

Ik heb een nieuwe agenda gekocht zonder ruimte voor schoolroosters of cijfers. Zelfs zonder bloemetjes of kleurtjes (hoewel ik me bijna heb laten verleiden door de PiP-agenda). Maar alleen een teken dat mijn leven als leraar steeds verder achter me ligt, is het niet. Het is meer dan dat. Ik heb een agenda gekocht omdat ik hem weer nodig ga hebben. En dat is ook wel anders geweest.

Vanaf het moment dat ik bij het revalidatiecentrum begon en stopte met werken, leefde ik van afspraak naar afspraak. Die schreef ik op de kalender in de wc en dat was het wel zo’n beetje. Af en toe sprak ik iets af met vrienden of familie, maar mijn leven richtte zich vooral op Lars. Welke dagen werkte hij? Wanneer at hij op het strand, wanneer was hij thuis? Welk feestje moest hij dit weekend heen en wanneer konden we samen naar de supermarkt? Als ik het hier zo neerzet word ik een beetje akelig van het onderdanige vriendinnetje dat hieruit naar voren komt. Maar zo was het nu eenmaal. Ik maakte niet zoveel mee en de structuur in mijn dagen werd aangegeven door Lars’ trainingen en andere afspraken.

Nu ben ik zo ver dat ik de wereld weer in moet. Ik moet gaan onderzoeken welke banen er bij mij passen, werkervaringsplekken regelen, mijn eigen netwerk aanspreken om zoveel mogelijk te snuffelen bij zoveel mogelijk banen en op die manier een zo goed mogelijk idee te krijgen van wat er is en wat ik kan. Naast het revalidatiecentrum is er nu de re-integratie en het haken en de snuffelstages enzovoorts.

Ik heb een nieuwe agenda gekocht omdat ik niet meer aan de zijlijn sta. En dan is dat dus best wel een ‘ding’.

20141217_091248

De tegenpartij

ea34c1e3042f110e8ed276691b369308

Ik ben aangereden op de fiets. Door een auto. Door een jongen van 19 die pas drie maanden zijn rijbewijs had. De eerste tijd had ik medelijden met hem, je zou toch iemand aanrijden als je nog zo onzeker en onbekwaam in een auto zit. Tot hij niets van zich liet horen en pas contact besloot op te nemen toen hij voor moest komen. Hij belde mij om verhaal te halen. Dan begrijp je niet helemaal hoe de wereld werkt.

Als fietser ben je in Nederland beschermt. De verzekering van de automobilist is aansprakelijk voor jouw letsel, of het ongeval nu jouw schuld als fietser is of niet (in mijn geval was het niet mijn schuld, maar over de betekenis van haaientanden en voorrangsborden verschilden de bestuurder en ik enigszins van mening). En ik heb een rechtsbijstandverzekering die mijn zaken uit handen kan nemen. Dat is fijn, want mijn kosten zijn gedekt. In theorie.

Vanaf het moment dat ik de verzekering van de bestuurder aansprakelijk stelde, is het touwtrekken. Het heeft een half jaar geduurd eer zij überhaupt principiële aansprakelijkheid erkenden, maar daarmee was ik er nog niet. In oktober 2013 stuurden zij een brief waarin zij stelden dat mijn ziekteverloop in hun ogen ‘ongeloofwaardig’ was. Toen mijn tandartsrekeningen al in de duizenden euro liepen, kwamen zij over de brug met één keer duizend euro voorschot. Een volgend voorschot bleef uit tot zij mij in den lijve gezien hadden en vast konden stellen dat ik de boel niet zat de frauderen. Ze willen geen huishoudelijke hulp betalen omdat ons nieuwe huis niet aanzienlijk groter is dan het oude (hiervan mis ik het verband ook. Volledig.). Ze beweren ondertussen een voorschot aan mij over te hebben gemaakt, maar mijn rekening toont 1000,- minder, waarmee zij niet akkoord gaan. Iedere keer dat ik gebeld wordt door mijn rechtsbijstandsmevrouw, of een brief ontvang die zij doorstuurt van de ‘wederpartij’, zoals zij het zo mooi noemt, raak ik direct in de stress. Want een brief van de wederpartij (tegenpartij. TEGEN. Partij) betekent dat ik in het verweer moet. Dat ik moet bewijzen dat ik wel degelijk beperkt ben, dat ik niet kan werken, dat ik nog altijd klachten heb, dat ik me niet aanstel.

Gisteren kreeg ik weer zo’n fijne brief binnen. Hun medisch adviseur vond dat de causaliteit tussen het ongeval en mijn klachten niet bewezen was. Oftewel: ik loop al acht maanden in het revalidatiecentrum omdat ik gewoon een beetje hoofdpijn heb waarvan het ongeluk niet perse de oorzaak hoeft te zijn. Ofzo. Ik merk dat ik daar ontzettend boos en opstandig van word. Wat denken ze nou helemaal? Dat ik zo’n goede actrice ben dat ik al die behandelaars kan foppen? Kom maar door met die Oscar, jongens! Ik verdien hem eerder dan Leonardo DiCaprio. Ook wilde de medisch adviseur graag stellen dat de boodschap die mij aan het begin van het behandeltraject werd meegegeven, ‘je gaat de regie over je leven terug in handen krijgen, maar zoals vóór het ongeluk wordt het niet’, zou leiden tot een self fulfilling prophecy. Wat hadden ze dan moeten zeggen, meneer de medisch adviseur? ‘Welkom in het revalidatiecentrum, we maken je beter! Oh, haha, grapje, we wisten een half jaar geleden al dat dát niet zou lukken, sorry voor de frustraties!’? Als ik zo’n brief lees, wil ik woedend gillen en stampen, die brief verscheuren, jankend onder mijn deken duiken en er niet meer vandaan komen, schoenen kopen, chocoladeijs eten, die medisch adviseur zoeken en hem eens goed de waarheid vertellen, het gebouw van die schijtverzekering in de hens zetten en toekijken, het opgeven, alles hier achterlaten en me vestigen op een klein eilandje en schapen hoeden, bewijzen dat ik wel degelijk beperkt ben, of juist meegaan in hun beweringen en een baan zoeken, een ‘normaal’ leven leiden en dat dat dan niet gaat. Maar bovenal wil ik dat ze een dagje in mijn hoofd zouden kunnen kijken. Dan piepen ze wel anders.

Ik begrijp dat zo’n verzekering alleen maar aan geld denkt. Ik begrijp dat zij alleen een dossiernummer zien en niet weten wie ik ben, hoe ik in het leven sta. Dat ‘de ene dag te weinig energie om van de bank te komen, de volgende dag boodschappen doen, beetje huishouden en vrienden op bezoek’ ingewikkeld te begrijpen is, dat die algehele fatigue niet te begrijpen is voor iemand die het niet voelt. En ik kan het niet opgeven. Ik zal waarschijnlijk altijd minder kunnen werken dan ik bedacht had, ik zal altijd inkomsten mislopen, over een paar jaar moet ik weer een hele tour de force afleggen met de rest van mijn voortanden… Ik ben afhankelijk van de tegenpartij en het enige dat ik kan doen is dit incasseren, even heel hard janken en vervolgens de juiste papieren maar weer opzoeken om te bewijzen dat ik de kosten die ik declareer niet verzin.

Wederpartij. Het mag wat. Tegen zijn ze. Tegenpartij.

043e99b069f68885563786bfbecc9aa9 (1)

Kijkje in mijn hoofd

Donderdagavond. De bel gaat. Ik stommel de trap af en doe open. Voor mij staat een knappe vent met een pasje aan een keycord. Als hij mij een hand geeft, voel ik dat de zijne ijskoud is.
“Hallo! Ik ben Jochem, van het Longfonds. Vroeger heetten wij het Astmafonds en om deze naamsverandering bij iedereen bekend te maken… -”

(Astma… Lars moet nog een nieuwe puf regelen. Zou die dat al gedaan hebben? Vast niet. Hé, wat zit daar nou bij mijn hand? Plakband op de muur? Even pulken. Oh shit, dat was een stukje verf. Nou ja, de gang moest toch nog gedaan worden. Wanneer zou Daan dat komen doen? Na de kerst denk ik, die heeft het zo druk nu. Ik moet nog even dat rokje bestellen voor kerst. Of zal ik toch maar voor een jurkje gaan? Maar ik heb al zoveel jurkjes. Als ik dan toch bezig ben, moet ik ook weer nieuwe wol bestellen. Wanneer kwam Daan ook alweer haken? Even op de kalender kijken zo. Heb ik al een nieuwe kalender voor volgend jaar gekocht? Ja toch? Goh… Ik kan het me ineens niet meer herinneren… Oh wacht – Longfonds. Focus!)

“Ik vis even mijn tablet tevoorschijn, dan kan ik laten zien… -”

(Tablethoesjes haken. Wie had het daar nou laatst over? Ook Daan? Ik wil nog een nieuwe telefoon. Zal ik een nieuwe doen of tweedehands? Die schoenen van Marktplaats laten ook lang op zich wachten. Straks dat meisje maar eens mailen. Er zit een vlek op mijn bril. Verdorie zeg, concentreer je eens op het verhaal van die knul! Die staat hier maar in de kou. Glimlach anders even bemoedigend. Met die lelijke tanden van je. Ook niet vergeten Esther nog te vragen naar haar tandarts. Oh, en opletten natuurlijk! Wat had de ergo ook alweer gezegd over concentreren? Niet de nadruk leggen op de concentratie, maar even samenvatten wat er al gezegd is? Zoiets? Wanneer moet ik eigenlijk weer naar de ergo? Ik moet nog iets bedenken wat ik van hem wil leren. Weet ik veel. Normaal doen misschien? Waarom heb ik niet meteen de deur dichtgedaan en gezegd dat ik geen interesse had? In andere volgorde, uiteraard. Ik zie mezelf al door het raampje gillen dat ik niet geïnteresseerd ben. Nou, kom op. FOCUS!)

“Dus, hier kun je een formuliertje invullen en dan kun je per maand meehelpen aan dit fantastische doel!” Hij kijkt blij alsof hij net een ei heeft gelegd. Ik staar terug en knipper met mijn ogen. Mijn hoofd is leeg.

Had ik nou maar wat beter opgelet net…

dd1b4e952b58c93a964277a58c71d849