De tegenpartij

ea34c1e3042f110e8ed276691b369308

Ik ben aangereden op de fiets. Door een auto. Door een jongen van 19 die pas drie maanden zijn rijbewijs had. De eerste tijd had ik medelijden met hem, je zou toch iemand aanrijden als je nog zo onzeker en onbekwaam in een auto zit. Tot hij niets van zich liet horen en pas contact besloot op te nemen toen hij voor moest komen. Hij belde mij om verhaal te halen. Dan begrijp je niet helemaal hoe de wereld werkt.

Als fietser ben je in Nederland beschermt. De verzekering van de automobilist is aansprakelijk voor jouw letsel, of het ongeval nu jouw schuld als fietser is of niet (in mijn geval was het niet mijn schuld, maar over de betekenis van haaientanden en voorrangsborden verschilden de bestuurder en ik enigszins van mening). En ik heb een rechtsbijstandverzekering die mijn zaken uit handen kan nemen. Dat is fijn, want mijn kosten zijn gedekt. In theorie.

Vanaf het moment dat ik de verzekering van de bestuurder aansprakelijk stelde, is het touwtrekken. Het heeft een half jaar geduurd eer zij überhaupt principiële aansprakelijkheid erkenden, maar daarmee was ik er nog niet. In oktober 2013 stuurden zij een brief waarin zij stelden dat mijn ziekteverloop in hun ogen ‘ongeloofwaardig’ was. Toen mijn tandartsrekeningen al in de duizenden euro liepen, kwamen zij over de brug met één keer duizend euro voorschot. Een volgend voorschot bleef uit tot zij mij in den lijve gezien hadden en vast konden stellen dat ik de boel niet zat de frauderen. Ze willen geen huishoudelijke hulp betalen omdat ons nieuwe huis niet aanzienlijk groter is dan het oude (hiervan mis ik het verband ook. Volledig.). Ze beweren ondertussen een voorschot aan mij over te hebben gemaakt, maar mijn rekening toont 1000,- minder, waarmee zij niet akkoord gaan. Iedere keer dat ik gebeld wordt door mijn rechtsbijstandsmevrouw, of een brief ontvang die zij doorstuurt van de ‘wederpartij’, zoals zij het zo mooi noemt, raak ik direct in de stress. Want een brief van de wederpartij (tegenpartij. TEGEN. Partij) betekent dat ik in het verweer moet. Dat ik moet bewijzen dat ik wel degelijk beperkt ben, dat ik niet kan werken, dat ik nog altijd klachten heb, dat ik me niet aanstel.

Gisteren kreeg ik weer zo’n fijne brief binnen. Hun medisch adviseur vond dat de causaliteit tussen het ongeval en mijn klachten niet bewezen was. Oftewel: ik loop al acht maanden in het revalidatiecentrum omdat ik gewoon een beetje hoofdpijn heb waarvan het ongeluk niet perse de oorzaak hoeft te zijn. Ofzo. Ik merk dat ik daar ontzettend boos en opstandig van word. Wat denken ze nou helemaal? Dat ik zo’n goede actrice ben dat ik al die behandelaars kan foppen? Kom maar door met die Oscar, jongens! Ik verdien hem eerder dan Leonardo DiCaprio. Ook wilde de medisch adviseur graag stellen dat de boodschap die mij aan het begin van het behandeltraject werd meegegeven, ‘je gaat de regie over je leven terug in handen krijgen, maar zoals vóór het ongeluk wordt het niet’, zou leiden tot een self fulfilling prophecy. Wat hadden ze dan moeten zeggen, meneer de medisch adviseur? ‘Welkom in het revalidatiecentrum, we maken je beter! Oh, haha, grapje, we wisten een half jaar geleden al dat dát niet zou lukken, sorry voor de frustraties!’? Als ik zo’n brief lees, wil ik woedend gillen en stampen, die brief verscheuren, jankend onder mijn deken duiken en er niet meer vandaan komen, schoenen kopen, chocoladeijs eten, die medisch adviseur zoeken en hem eens goed de waarheid vertellen, het gebouw van die schijtverzekering in de hens zetten en toekijken, het opgeven, alles hier achterlaten en me vestigen op een klein eilandje en schapen hoeden, bewijzen dat ik wel degelijk beperkt ben, of juist meegaan in hun beweringen en een baan zoeken, een ‘normaal’ leven leiden en dat dat dan niet gaat. Maar bovenal wil ik dat ze een dagje in mijn hoofd zouden kunnen kijken. Dan piepen ze wel anders.

Ik begrijp dat zo’n verzekering alleen maar aan geld denkt. Ik begrijp dat zij alleen een dossiernummer zien en niet weten wie ik ben, hoe ik in het leven sta. Dat ‘de ene dag te weinig energie om van de bank te komen, de volgende dag boodschappen doen, beetje huishouden en vrienden op bezoek’ ingewikkeld te begrijpen is, dat die algehele fatigue niet te begrijpen is voor iemand die het niet voelt. En ik kan het niet opgeven. Ik zal waarschijnlijk altijd minder kunnen werken dan ik bedacht had, ik zal altijd inkomsten mislopen, over een paar jaar moet ik weer een hele tour de force afleggen met de rest van mijn voortanden… Ik ben afhankelijk van de tegenpartij en het enige dat ik kan doen is dit incasseren, even heel hard janken en vervolgens de juiste papieren maar weer opzoeken om te bewijzen dat ik de kosten die ik declareer niet verzin.

Wederpartij. Het mag wat. Tegen zijn ze. Tegenpartij.

043e99b069f68885563786bfbecc9aa9 (1)

Advertenties

Een gedachte over “De tegenpartij

  1. Pingback: De pik | Happy, hip en… hersenletsel

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s