Balansdag

Op school werd er vaak getrakteerd. Dat was niet zo gek, want met zo’n 200 docenten was er vrijwel altijd wel iemand jarig. Als er dan taart over was, zeiden collega’s vaak tegen mij: ‘Neem nog een stukje. Jij kunt het hebben!’

Dit was nog in de periode dat ik behoorlijk obsessief bezig was met sporten en gezondheid en dat ik de sportschool bijna vaker van binnen zag dan mijn eigen huis. Die opmerkingen vielen dan ook niet in goede aarde bij mij. Natuurlijk zag ik eruit alsof ik het kon hebben. Dat kwam omdat ik nooit een tweede stukje nam. Soms zelfs geen eerste. Ik was namelijk extreem goed in het beheren van mijn calorie-inname. Als ik eens een avond los was gegaan op cocktails en een vette hap, corrigeerde ik dat door de dag erna heel licht te eten. Na de feestdagen at ik rijst en groenten en deed ik een extra rondje op de crosstrainer. De ‘balansdag’ was mij op het lijf geschreven.

Eigenlijk is er wat dat betreft maar weinig veranderd. Het is alleen niet meer het eten waar ik nu mee moet balansen en het is ook niet meer vrijwillig.

Het is moeilijk om te gaan met verminderde energie. Wanneer je gezond bent, is het ook niet iets waar je over na hoeft te denken. Je plempt je dag vol met activiteiten en gaan met die banaan. Dat is voor mij helaas niet meer zo. In de planning van mijn dagen moet ik rekening houden met activiteiten die veel van mij vragen, momenten wanneer ik kan rusten, prioriteiten, dat bepaalde activiteiten de ene dag meer energie vragen dan de andere dag, dingen die moeten, dingen die kunnen, dingen die ik wil. Ik moet mijn dag plannen met voldoende ontspanning tussen de inspanning en mijn week ook. Wanneer een taak veel energie vraagt, moet ik dat corrigeren door daarna te rusten. Wanneer een dag zwaar is, moet ik de rust in de dagen daarna zoeken.

Waar ik vroeger per dag 1800 kcal binnen wilde krijgen, heb ik nu per dag 30 ‘punten’ te besteden (om een beeld te schetsen: boodschappen kost 3 punten per half uur, fietsen door de stad 2. Van slapen gaat er per half uur 1 af). Lange tijd heb ik me keurig aan die 30 punten (of minder) gehouden, maar de laatste tijd probeer ik steeds meer te balansen. Dan kies ik er voor wél naar die verjaardag te gaan en wél langer te blijven dan eigenlijk verstandig is, maar onderneem ik de dagen daarna niet veel meer dan vanuit bed naar de bank en weer terug. Ik kies ervoor om iets meer taken op mij te nemen op mijn werkervaringsplaats en dan op donderdag maar in mijn tokkie-outfit voor me uit te staren.

Het is niet leuk dat ik niet alles kan dat ik zou willen of waarvan ik vind dat het van een volwassen vrouw verwacht wordt. Het is ook niet leuk om te moeten kiezen tussen wat leuk en leuk is omdat er ook zoveel moet en het gewoon niet allemaal kan. Maar ik heb steeds meer inzicht in hoeveel energie ik per dag te besteden heb en ook in hoeveel energie bepaalde activiteiten van mij vragen. Ik krijg steeds meer controle over mijn dagen en dat is ontzettend fijn.

In het revalidatiecentrum zeiden ze mij al heel snel na mijn begin daar: ‘We gaan je niet beter maken, maar we geven je wel de regie over je eigen leven weer terug.’ En dat is wat het is. De dingen die ik doe zijn mijn eigen keuze. Een balansdag of – week is dan de moeite waard. Ik heb mijn leven weer in eigen hand en dat voelt machtig en autonoom.

910f8a7213a7b269e20a5f43fc138241

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s