Een dingetje

Als Lars en ik de jackpot zouden winnen, zouden we niet gaan verhuizen of een dure Tesla kopen. Ik zou geen Jimmy Choo’s kopen omdat ik er toch niet op kan lopen en hoewel een mooie, dure winterjas natuurlijk niet verkeerd is, zou ik me verder maar ongemakkelijk voelen in dure kleren. Nee, Lars en ik zouden een volledig gerenoveerde Volkswagen T1 camper kopen en in de vakanties door Europa toeren.

Helaas hebben we de jackpot nog nooit gewonnen (daarvoor zouden we eerst mee moeten spelen met een loterij) en blijft die T1 (of T2, desnoods T3, we zijn niet kieskeurig) een mooie droom. En dus komt iedere zomer ook weer de vraag op wat we gaan doen. Gaan we ergens heen? Waarheen? Hoe? Hebben we er geld voor? Hou ik het vol? Vakanties blijven toch altijd een beetje een dingetje.

Dit jaar zouden we niet gaan. Dat hadden we besloten en toen kregen we ineens het aanbod om tien dagen op een huis in Barcelona te passen. Ik heb nog twee dagen vastgezeten in mijn hoofd omdat ik om één of andere reden dacht dat ik niet kon of niet mocht en boekte toen een ticket. Lars zou de eerste zes dagen meegaan en de laatste paar dagen zouden er nog twee vriendinnen komen. Voor ik goed en wel alle beren op de weg geteld had, was het al rond en besloten en zaten we op Schiphol. En deze vakantie bleek ideaal!

Het huis van de vriendin kwam met een enorm dakterras waar het heerlijk toeven was. Ook lag het zo centraal dat niets langer dan een kwartiertje reizen per metro was en heel veel zelfs te lopen. Natuurlijk, de metro was pittig en volledig overprikkelend, maar zodra ik daarna bovenop de Montjuïc of de Bunkers del Carmel stond, was er weer rust en orde en overzicht. Omdat het huis zo centraal lag, konden we overdag iets doen, ’s middags thuis slapen (ik in bed en Lars in de hangmat) en ’s avonds weer ergens eten. Of thuis koken, wat voor mijn moeie hoofdje af en toe ook ideaal was. Ik ben de Ramblas drie keer overgestoken en heb hem verder gemeden, we lagen op het strand voorbij het Olympisch Dorp en ontvluchtten zo het gekkenhuis van Barceloneta en we streken neer in een craftbiercafé waar naast ons alleen een bardame, drie stamgasten en een verdwaalde pinxo waren. Middenin het hoogseizoen was Barca relaxed, gemoedelijk en muy tranquilo.

Met mijn vriendinnen zette ik die mood voort. Overdag lazen we boekjes op het balkon of speelden we een spelletje. Tegen het einde van de middag vertrokken we om iets cultureels te doen of ons ongans te eten aan alle pulpo die we konden vinden. En natuurlijk was het heftig om de hele dag met mensen te zijn, maar we konden ook rustig een uur ongestoord in stilte zitten, alleen onderbroken door de vraag wie er nog water wilde.

Op zondag vertrokken zij ’s ochtends vroeg. Mijn vliegtuig ging pas de volgende dag. De hele zondag ben ik alleen geweest, in dat grote, lege huis. Ik heb opgeruimd, een beetje gerommeld en in de hangmat gelegen en dutjes gedaan. Het regende die avond pijpenstelen dus ging ik ’s avonds vroeg naar bed. De volgende ochtend stond de taxi die ik besteld had al vijf minuten voor afgesproken tijd op me te wachten en was ik binnen no time op het vliegveld. Daar zocht ik het rustigste koffiebarretje in het verste hoekje en dronk ik in stilte mijn cafe con leche. Ik stapte als één van de eersten in het vliegtuig, zette mijn zonnebril en noise cancelling headphones op en viel in slaap. En toen ik in Nederland aankwam, voelde ik me best goed.

Ik heb me werkelijk waar nog nooit zo relaxed gevoeld na een vakantie of een dag reizen. Normaal gesproken is er toch drukte, stress, vermoeidheid van alle leuke dingen die ik heb gedaan en waartussen ik te weinig rust heb genomen. Overprikkeling van de transfer naar het vliegveld, van de drukte op het vliegveld, van de reis in het vliegtuig zelf en de persoon aan het raam naast je die tijdens een vlucht van twee uur vijf keer naar de wc moet. Nu was ik moe en ja, ook overprikkeld, maar ik kon nog rechtuit kijken, zinnen vormen en ik ging niet over mijn nek van de vermoeidheid. En ook de hele afgelopen week was ik wel moe, onhandiger dan anders en slomer, maar toch niet zó erg als andere jaren.

Vakantie blijft altijd een dingetje. Ik heb altijd een extra vakantie nodig om bij te komen van al mijn ervaringen op de plaats van bestemming. Maar als ik zo de balans eens opmaak, en vooral kijk naar hoe ideaal die laatste dag rust vóór het reizen is geweest, dan was deze vakantie perfect.

a5436184144d92c562e88ed8657f923e

Woordgrapje. Sorry.

Advertenties

Adulting

Ik heb altijd behoorlijk veel haast gehad met volwassen worden. Ik wilde alles meemaken en wel binnen een aantal jaar. Zo kon het gebeuren dat ik op mijn 23e op kamers had gewoond, had samengewoond, was afgestudeerd, een vervelende breuk achter de rug had, een vaste baan had, een eigen huisje en een auto. En toen ik dat allemaal bereikt had vóór mijn 25e, ging ineens, onbewust, de rem erop. Want toegegeven, het huisje was sociale woningbouw en de auto een Corsa uit 1845, maar het was wel erg volwassen allemaal en als ik op dat tempo doorging zat ik op mijn 35e middenin een midlife crisis.

Ik wilde jong zijn, vrij zijn, genieten! Lekker stappen met vrienden, zoenen met vriendjes en zoveel mogelijk schoenen kopen als mijn salaris (net niet) toeliet. Ik wilde niet teveel denken aan later. Ik was nog jong en later was nog ver. Toen ik Lars ontmoette wist ik wel dat hij het was, voor altijd, maar ook dat ging redelijk bij de dag. Het klikte en het klopte en we hadden heel veel plezier samen. Meer hoefde niet.

Vaak heb ik het gevoel dat ik in die levensfase ben blijven hangen sinds het ongeluk. Alsof de auto mij daar in dat moment heeft gevangen de seconde dat hij mij raakte. In mijn hoofd ben ik nog altijd 25 en voelt wat ik doe regelmatig nog steeds als de onhandige acties van een post-puber die het ook nog allemaal niet heeft uitgevonden. Vrienden maken promotie, kopen grotemensenkleding, kopen huizen, trouwen, krijgen kinderen en ik vind het idee dat ‘ze’ me de verantwoordelijkheid over een hypotheek hebben gegeven al wonderbaarlijk. Laat staan dat ik een outfit in mijn kast heb hangen die ik op kantoor zou kunnen dragen. Toen Lars en ik tekenden voor ons samenlevingscontract dacht ik: ‘Wow, dat ze mij de autonomie geven om dit te doen! Dit is massive! Weten ze dan niet dat ik geen idee heb wat ik doe?’ Laat staan dat ik ooit de verantwoordelijkheid krijg over een zwangerschap of baby. Daar ben ik toch nog lang niet groot genoeg voor?

Natuurlijk is er wel wat veranderd. Ik voel me minder misplaatst. Het voelt niet langer alsof ik watertrappel en maar doe alsof ik weet wat er moet gebeuren. Ik voel me niet langer bekeken en beoordeeld op straat en heb niet meer de behoefte door iedereen aardig gevonden te worden. In mijn relatie met mijn ouders en schoonouders merk ik ook dat ik steeds vaker gelijkwaardige gesprekken voer, in plaats van dat ik in de kind-positie (sorry, cursus gesprekstechnieken heeft me gedeformeerd) blijf hangen. Ik ben meer tot rust gekomen in mijn eigen lijf en hoofd. Misschien dat ik gewoon de conclusie moet trekken dat dát volwassenheid is.

Ik ben (echt heel erg) bijna dertig en ik voel mij niet zoals ik had verwacht dat ik mij zou voelen. Als begin twintiger zei ik altijd dat het me ideaal zou lijken om ‘voor mijn dertigste mijn eerste’ te hebben. Nu vind ik het echt al enorm volwassen van mezelf dat ik het voor elkaar krijg boodschappen te doen voor een week en altijd iets bij de koffie in huis te hebben dat ik niet in één avond naar binnen snaai. Zorgen voor een hamster lijkt me op dit punt zelfs een te grote verantwoordelijkheid.

Maar misschien is dat wel gewoon hoe het is. We doen allemaal maar alsof we groot zijn en zijn als de dood ontmaskerd te worden. Misschien heb ik wat minder ‘haast’ dan mijn leeftijdsgenoten. Misschien is dat logisch na alles wat er met mij gebeurd is. Maar bovenal moet de conclusie misschien wel zijn dat ‘volwassen zijn’ ook maar schone schijn is. Fake it ‘til you make it. Ik ben bijna dertig en ik voel me twaalf. Maar waarschijnlijk ben ik daarin niet de enige.

241531aeac8373bc84251bc81b400084

Gekkenwerk

Toen ik mijn vorige blog schreef, zat ik een beetje in de knoop. Met meer willen dan kan en eigenlijk minder kunnen dan ik uiteindelijk deed. Ik was er dan ook niet verbaasd over dat mijn klachten weer begonnen toe te nemen. Mijn oren piepten en zoemden weer de hele dag, mijn hoofd klopte, mijn hart hamerde in mijn slapen en hield me ’s nachts wakker. De paar huishoudelijke taken die ik doe, bleven liggen. Ik was warriger en miste structuur, duizelig en misselijk en oververmoeid en tegen Lars was ik niet op mijn gezelligst.

Mijn grootste struikelblok is mijn enthousiasme. Ik vind eigenlijk alles leuk! En als ik iets niet leuk vind, dan is er vaak nog mijn gevoel voor verantwoordelijkheid dat vindt dat ik het toch maar even gewoon op moet pakken. Of dat iets afzeggen uit den boze is. Zo nam ik op mijn werk een uur bijles erbij en reed ik zelf op en neer naar Delft om de baby van een vriendin te zien, terwijl ik ’s avonds ook nog moest koken en hardlopen van mezelf.

Als ik het zo opschrijf, vind ik mezelf een sukkel. Maar dat stomme hoofd van mij is zó verraderlijk! Ik kan het zeuren en het piepen en het bonken echt heel lang negeren. Ik kan doen alsof het allemaal prima gaat en dit wekenlang volhouden. Ik slik een ibuprofennetje en ik doe net of ik ‘normaal’ ben.

Ik vond mezelf terwijl ik het deed ook al een sukkel. Maar stop er maar eens mee. Zeg maar eens tegen je beste vriendin dat je niet op haar verjaardag kunt komen, omdat je ook al een babyshower hebt die dag. Zeg maar eens een hardloopwedstrijd af waar je maanden voor getraind hebt, omdat je die babyshower en verjaardag de vorige dag gehad hebt. Zeg maar eens ‘nee’ tegen een bijles Frans als je de enige optie bent voor zo’n knul die anders zijn examen gaat verpesten. En als je toch al vindt dat je best één op één bijles moet kunnen geven en dat een uurtje extra per week ook het verschil niet moet maken.

Vorige week zat ik een weekje in de Oostenrijkse bergen met mijn ouders en zusjes. Even helemaal weg. Het was een heerlijke vakantie van niets moeten. Een beetje skiën, een beetje in de zon zitten, een beetje boekje lezen, haken en wandelen en verder nergens over hoeven denken. Voor eten werd gezorgd, de boodschappen werden gedaan en ik hoefde niet na te denken over planning, administratie of huishouden. Ik hoefde alleen maar even tot rust te komen. En conclusies te trekken.

Want zoals ik het deed, ging het niet. Dus drastic times call for drastic measures. Ik moet mezelf weer even streng toespreken. Ik ben geen superwoman, ik kan niet alles. En om me goed te voelen, moet ik lief zijn voor mijzelf. Hoe moeilijk dat ook is.

Dus heb ik het uurtje bijles op mijn werk stopgezet. Natuurlijk voelt het ergens als falen, dat ik na een jaar dus blijkbaar nog altijd niet kan uitbreiden op mijn werk. Maar soit, dat is dan maar zo. Ik heb leuk werk en om ervan te kunnen genieten moet ik fit zijn. Dus hoop ik dat minder, meer oplevert. En ik heb strenge afspraken met mezelf gemaakt over mijn weekenden. Ik mag nog maar twee dingen doen. Per weekend. Voor komend weekend betekent dat even ergens ontbijten met Lars op zaterdag en op zondag de verjaardag van mijn opa. Niet nog even vrijdagavond blijven hangen met collega’s. Niet tóch nog even zaterdagavond uit eten met vrienden van Lars. Dat is gekkenwerk en ik heb rust nodig. Mijn hoofd is al gekkenhuis genoeg van zichzelf.

381aa4680d55424761f76c536b260114

Champions League

Oh jongens, ik heb het te pakken hoor: de decemberkriebels. Nu zelfs de droge kruidnoten met 40% korting uit de supermarkt zijn verdwenen, er alleen nog maar Mariah Carey op de radio gedraaid wordt en ik, net als mijn moeder vroeger, iedere avond in de weer ben met lucifers en knusse kaarsjes, blijk ik toch niet immuun. Ik heb zin in een terugblik.

(Vergeef me.)

Ze zeggen dat mensen met een hersenschudding / -kneuzing / -letsel de grootste vooruitgang boeken in het eerste jaar. Misschien is dat voor de meeste mensen zo, voor mij gaat dat niet op, vind ik. Bijna vier jaar na het ongeluk boek ik nog steeds enorm veel vooruitgang. Misschien niet meer enorm in mijn belastbaarheid, maar toch zeker in de manier waarop ik ermee omga. En dat heeft het afgelopen jaar ongelooflijk veel nieuwe mogelijkheden opgeleverd.

2016 begon met een contract en voor het eerst in lange tijd weer een salarisstrookje. Ik ben een uurtje per week taallessen gaan geven op een middelbare school. Ik ben met een beachvolleybalreis meegegaan naar Spanje, waar ik niet alleen ontdekte dat ik weer dolgraag beter Spaans wilde leren, maar ook dat mijn gekke hoofd best wel kon beachvolleyballen als ik maar genoeg pauze nam. Ik heb me vervolgens ingeschreven voor beachvolleybaltrainingen en ben na de zomervakantie gestart met een cursus Spaans. Samen met Lars ben ik naar de zon geweest en hebben we het tempo en de wijze van onze ideale vakantie ontdekt. Ik heb twee vrijgezellenfeesten georganiseerd, twee bruiloften bijgewoond (en vlak vóór de kerst komt hier nog een derde bij) en als klap op de vuurpijl ook nog een huis gekocht!

2016 voelt als het jaar waarin ik eindelijk volwassen ben geworden. Natuurlijk deed ik al heel volwassen vóór het ongeluk, met een eigen huis, een auto en een grotemensenbaan, maar ik was nog erg onzeker en het voelde alsof ik ieder moment ontmaskerd kon worden als een fraudeur, een imitator. Na het ongeluk heb ik heel lang het gevoel gehad dat ik mijn leven niet in eigen handen had, dat ik niet onafhankelijk van anderen kon zijn. Het afgelopen jaar pas heb ik de touwtjes weer écht in handen weten te nemen. Mijn leven is weer echt van mij. Met een baan en sport, niet meer afhankelijk van anderen en met een zelfverzekerde kijk op de wereld. Ik ben een Groot Mens geworden (dat mocht ook wel, ik ben bijna dertig). En we hebben dus ook nog een huis gekocht! Als dit niet de Champions League van het volwassen worden is, weet ik het ook niet meer!

Toen ik in het revalidatiecentrum een diagnose en behandelplan kreeg, wilde ik graag luisteren en de regeltjes volgen. Eindelijk had ik duidelijkheid en houvast. Maar tegelijkertijd dacht ik, wanneer de therapeuten zeiden dat dit het wel zo’n beetje was en ik ermee moest leren leven: ‘ja ja, dat geldt misschien voor andere mensen, maar niet voor mij. Wacht maar af.’ (ik ben verder niet eigenwijs, ik weet het vaak gewoon beter). En natuurlijk is het goed te luisteren naar artsen, therapeuten, geleerden of je eigen grenzen. Ergens moet je jezelf eerst verzoenen met die nieuwe status quo. Maar mezelf daar vervolgens bij neerleggen, kon ik niet. Ik ben altijd blijven proberen verder te komen, méér te kunnen, die grenzen te verleggen.

Met uiteindelijk als resultaat dat 2016 een topjaar was. Ondanks de Brexit, Trump, alle ellende in de wereld, een te nat voorjaar, een te heet najaar en de scheiding van Brangelina. Het was fantastisch en ik ben een gelukkig mens.

In 2016 heb ik mijn leven weer heroverd. In 2017 de wereld.
Stay tuned.

f3447e3f8a42ba4ea147093fe04d5f2e

Smoothie kampioen

Lars en ik hebben de afspraak dat ik in het weekend een smoothie voor ons maak. Dat is zo ontstaan omdat Lars nooit fruit at en ik vond dat hij vitaminen binnen moest krijgen. Maar ondertussen vind ik het ook gewoon heerlijk knus en burgerlijk. Ik maak een smoothie met fruit of groente, hij zegt dat ik lief ben en giet hem in één keer naar binnen en ik ga zielsgelukkig aan de eettafel de ANWB Kampioen lezen. Het is zo heerlijk burgerlijk dat ik er bijna week van word.

De afgelopen weken ben ik niet aan smoothies maken toegekomen. Ik had het namelijk druk. In het echt en in mijn hoofd.

Er waren feestjes en werkdingen en vrienden en vriendinnen. Er waren afspraken met de hypotheker, afspraken op werk, zieke familieleden, Sinterklaasfeestjes, bruidsjurken van vriendinnen om te passen en kappersafspraken om alvast te regelen vóór de kerst. Er waren restaurants en telefoontjes naar de notaris en het UWV, extra taallesjes en cadeautjes kopen, belangrijke mails en fysiotherapie. En tussen al die drukte door kwam ik mijn bed met moeite uit, kreeg ik de was maar niet gedaan en raakte ik het overzicht kwijt.

Ik heb een duidelijke structuur nodig om mijn dagen aan op te hangen en mij goed te voelen. En die ontbreekt de laatste weken een beetje. Lars en ik zijn bezig ons huis te kopen, wat enorm leuk en spannend is. Maar het vraagt ook veel geregel en gedoe (hoe doen mensen met een fulltime baan dit?!) en mijn hoofd loopt regelmatig over. Mijn letselschadezaak loopt ook nog altijd, waarvoor ik binnenkort naar verschillende medische expertises mag en waarvan het regelen me ook de nodige energie heeft gekost. En daarnaast is het natuurlijk het einde van het jaar, gaan de kaarsjes aan en wil ik allemaal gezellige afspraken met familie en vrienden.

En dus kreeg Lars al een paar weken geen smoothies. Omdat het voor mij het één of het ander is. Het is nooit en/en. Hoewel hij een verdrietig hoofdje trok als ik me voor het gebrek aan vruchtensap excuseerde, heeft hij tot nu toe nog geen scheurbuik opgelopen. Maar ik vond het ergens wel jammer. Ik verlangde naar die rust.

Dus zat ik vanochtend heerlijk met mijn smoothie over de nieuwste Kampioen gebogen en las ik alles over de beste stationwagens (ik ben het nu alweer vergeten, don’t ask). Ik zat aan de eettafel in ons mooie huisje wat straks echt van ons is (of nou ja, van de bank) en was weer even volmaakt gelukkig. De was hing aan de lijn, er was eten in huis en zelfs mijn huiswerk voor Spaans had ik al gemaakt. Ik had eindelijk weer tijd en ruimte in mijn hoofd om terug te keren naar mijn oude structuur. Ik hou nog altijd enorm van mensen en drukte en leuke dingen, maar ik functioneer toch het beste bij rust, reinheid en regelmaat.

En bij alles wat zó burgerlijk is dat je er weeïg van wordt. Dat ook.

ad90e010e8944e9c42cf866fda7c21e1